Brief aan Lieselot

Lieselot Tierenteyn postte daarnet in dit eigenste forum het volgende:

“Omg ik zit met een verslaving. Oh wat vind ik het leuk om nieuwe boeken te kopen.Is dit herkenbaar? Ik heb meer boeken dan ik kan lezen. En dan vragen ze in de winkel ‘amai heb je al al die boeken uitgelezen?’ En dan moeten schoorvoetend toegeven van nie “😂

En omdat we Lieselot’s verzuchtingen niet onbeantwoord wilden laten, het volgende:

Beste Lieselot,Dat gevoel dat je beschrijft is voor velen op dit forum vermoedelijk héél erg herkenbaar. Beter nog, in de literatuur is bibliofilie (en zijn overtreffende trap, bibliomanie) een onderwerp op zich. Als je je overigens echt zorgen wil maken moet je eens het boek “Vergeten boeken – Literaire curiosa en rariora, boekenvrienden en bibliomanen” van Ed Schilders lezen. Je zal merken dat jouw ontluikende verslaving er voorlopig nog ééntje is van het relatief onschuldige soort.En wat met die vraag betreft die alleen niet boekenliefhebbers stellen: “heb je die boeken allemaal gelezen” ? Wel, om die afdoende te beantwoorden moet je zeker Pierre Bayard’s “Hoe te praten over boeken die je niet hebt gelezen” lezen. Bayard poneert daarin de hoogst valabele stelling dat je niet eens al die boeken in je boekenkast hoeft te lezen. Gewoon het feit ze te hebben draagt bij tot je welzijn én je geletterdheid. Overigens gaat er niks boven een goed gesprek over een boek dat je (nog) niet gelezen hebt, en nog liefst met iemand die datzelfde boek ook niet gelezen heeft.Immers, we bewaren (spijtig genoeg) geen hele boeken in ons geheugen, geen hele paragrafen, maar hooguit losse stukjes van gedeeltelijk gelezen teksten, die vaak door elkaar lopen en bovendien door onze eigen fantasievoorstellingen veranderingen hebben ondergaan: flarden van boeken die we ons onjuist herinneren. Bayard illustreert dit schitterend met hoofdstukken als: “hoofdstuk IV: Vergeten boeken – waarin we, met Montaigne, de vraag stellen of een boek dat je gelezen hebt en geheel vergeten ben, en waarvan je zelfs vergeten bent dat je het gelezen hebt, nog wel een boek is dat je gelezen hebt.” Of nog: “Hoofdstuk II: waarin Balzac aantoont dat het des te gemakkelijker is iemand je mening over een boek op te dringen omdat het geen vast voorwerp is en dat zelfs een in inkt gedrenkt touwtje eromheen doen niet voldoende is om de levendigheid ervan tot staan te brengen.”En als die niet-lezers van jou dan nog niet overtuigd zijn van jouw punt, dan kan je misschien besluiten met Oscar Wilde, die stelde dat het lezen van een boek niet langer dan zes minuten mag duren, anders bestaat de kans dat je vergeet dat deze kennismaking in de eerste plaats een gelegenheid was om je autobiografie te schrijven.

Een kleverige oproep aan de adepten van de prijzensticker

Deze zondag was er weer eentje van pure bibliofiele frustratie. Zondag is mijn dag. Een dag waarop ik m’n nieuw verkregen boeken classificeer, rangschik en in mijn catalogus inschrijf. Een bibliofiel minnend mens hoopt daar rust in te vinden. Tenzij … tenzij je je boeken koopt bij zo’n kwaadwillige boekverkoper die zijn prijzen noteert op zo’n in-stukjes-scheurende witte stickertjes, die hij dan natuurlijk net in het midden van de boekplaat plakt !!!

Beste boekverkoper, beseft u dan niet dat die afschuwelijke witte korsten zich met de grootste moeite laten verwijderen. Hoe kan uw boekminnend hart onbewogen blijven bij de wetenschap dat die stickers lepreuze wonden en resten slijm achterlaten waaraan zich het stof en vuil der eeuwen hecht?
Beste bibliofobe boekhandelaar en adept van de prijzensticker, ik verwens u vurig naar een uitzonderlijk kleverige hel !

Verhuizen

Verhuizen heeft zo zijn voordelen. Bij het legen van een archiefdoos uit een kast waarvan ik jaren de sleutel kwijt was, vond ik een stapel vergeelde notities met handgeschreven fragmenten uit een boek wat ik ondertussen – de titel eendachtig – haast vergeten was, maar wat misschien wel aan de oorspong van mijn obsessie voor boeken ligt: “Vergeten boeken – Literaire curiosa en rariora, boekenvrienden en bibliomanen” van Ed Schilders.
Wat me toen bezielde om met bewonderenswaardige volharding en hardnekkigheid bijna honderd vellen over te nemen uit dit schitterende boek, is me dertig jaar laten totaal vreemd. Mogelijk zit de jeugdige verveling van een vijftienjarige puber, het jongensinternaat in Oostakker met vier tot vijf uur verplichte studie én de toen nog onbereikbaarheid van een kopieermachine er voor iets tussen.
Die verbleekte fragmenten zette aan tot meer, maar het boek op de kop tikken bleek uiteindelijk moeilijker dan gedacht. Onbegrijpelijk en intriest is het dat zo’n fascinerend boek blijkbaar nooit een herdruk heeft mogen kennen. Waar lees je nog over onderwerpen als: Bestaan er vierkante cirkels ? Of, boeken gebonden in mensenhuid? Wie schreef de tekst voor het enige erotische marionettentheater? Waarom is het verboden in een kerk een vlo te doden? Hoe duur was een boek doorheen de geschiedenis? Het lijken me één voor één onderwerpen die zo in Interne Keuken kunnen. Laat het boek dan nog eens eindigen met een hoofdstuk over de mooiste boekenverzameling die denkbaar is, de bibliotheek die alleen in de verbeelding bestaat.
Beste Ed Schilders, ik ken u niet, en ik heb ook nooit nog iets anders van u gelezen, maar dit boek overtreft gelijkgezinde boeken van de hand van Gerrit Komrij of Bart Van Loo. De voorbije dagen liet u mij wentelen in nostalgie en melomanie, sentimenten die ik sinds lang weerde. Dertig jaar na dat u dit boek schreef wou ik dit even kwijt: bedankt !